ECLI:NL:RBDHA:2024:771
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering bestuurlijke heroverweging asielaanvraag Afghaanse gezinslid risicogroep
Eiser, een Afghaanse nationaliteit dragende asielzoeker, diende meerdere asielaanvragen in, waarvan de eerste in 2016 werd afgewezen en onherroepelijk werd verklaard. Na een derde aanvraag in 2021 werd zijn verblijfsvergunning toegekend, maar het verzoek om bestuurlijke heroverweging van eerdere besluiten werd afgewezen. Eiser betoogde dat hij als gezinslid van een persoon die geassocieerd werd met de Amerikaanse Special Forces in aanmerking moest komen voor vluchtelingenstatus, ook al voor de beleidswijziging in juli 2022.
De rechtbank oordeelde dat het beleid inzake risicogroepen in 2022 is aangepast naar aanleiding van de machtsovername door de Taliban in 2021, waardoor familieleden van personen die geassocieerd zijn met internationale strijdkrachten nu als risicogroep worden beschouwd. Eiser kon niet aantonen dat hij al vóór augustus 2021 aan de voorwaarden voor een verblijfsvergunning voldeed. Zijn eerdere verklaringen ontkenden problemen vanwege de werkzaamheden van zijn broer.
Verder verwierp de rechtbank het beroep op recente jurisprudentie van het Hof van Justitie als nieuw feit dat een heroverweging zou rechtvaardigen. De rechtbank concludeerde dat verweerder de ingangsdatum juist heeft vastgesteld en het verzoek om heroverweging terecht heeft afgewezen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om bestuurlijke heroverweging wordt ongegrond verklaard en de ingangsdatum van de verblijfsvergunning bevestigd.