ECLI:NL:RBDHA:2024:7725
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van 12 februari 2024 waarbij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de asielaanvraag van verzoeker in de algemene asielprocedure niet-ontvankelijk heeft verklaard. Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. Omdat de rechtbank op 30 april 2024 in een gerelateerde zaak uitspraak heeft gedaan over het beroep, is een voorlopige voorziening niet langer nodig.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag is afgewezen.