ECLI:NL:RBDHA:2024:7737
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen terugkeerbesluit tijdelijke bescherming Oekraïense vreemdeling
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de rechtbank Den Haag op 16 mei 2024 uitspraak gedaan over het beroep van een Oekraïense vreemdeling tegen een terugkeerbesluit van 7 februari 2024, waarin de tijdelijke bescherming werd beëindigd. Het beroep werd ruim na de wettelijk voorgeschreven termijn van vier weken ingediend.
De rechtbank oordeelt dat de overschrijding van de termijn niet verschoonbaar is, ondanks het beroep van eiser op prejudiciële vragen gesteld door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State aan het Europees Hof van Justitie en het loyaliteitsbeginsel. De rechtbank stelt dat deze omstandigheden niet rechtvaardigen dat eiser niet tijdig beroep had moeten instellen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting op grond van artikel 8:54 Awb Pro vanwege de kennelijke uitkomst.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder verschoonbare redenen.