ECLI:NL:RBDHA:2024:7739

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
16 mei 2024
Publicatiedatum
22 mei 2024
Zaaknummer
NL24.5242
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:83 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag

Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin haar asielaanvraag in de algemene asielprocedure niet-ontvankelijk werd verklaard. Zij verzocht tevens om een voorlopige voorziening.

De voorzieningenrechter overwoog dat op 30 april 2024 reeds een uitspraak is gedaan in een zaak met een vergelijkbaar onderwerp (zaaknummer NL24.5241). Gezien deze uitspraak achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk en wees het verzoek af.

Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is zonder zitting gedaan en is definitief, hoger beroep of verzet is niet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag is afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.5242

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam], verzoekster

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. F.J.M. Schonkeren),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 12 februari 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de
asielaanvraag van verzoekster in de algemene asielprocedure niet-ontvankelijk verklaard.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van 30 april 2024, zaaknummer NL24.5241, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.F.I. Sinack, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.