ECLI:NL:RBDHA:2024:8239
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijf als familie- of gezinslid bij vader wegens ontbreken beschermenswaardig familieleven
Eiseres, geboren in 2001 en van Sierra Leoonse nationaliteit, verzocht om verblijf in Nederland als familie- of gezinslid bij haar vader, die sinds 2002 in Nederland verblijft met een verblijfsvergunning asiel. De aanvraag werd in 2021 afgewezen en het bezwaar in 2024 ongegrond verklaard. De rechtbank behandelde het beroep op 22 april 2024.
De staatssecretaris stelde dat er geen beschermenswaardig familieleven bestond omdat er geen hechte persoonlijke banden zijn en eiseres niet financieel afhankelijk is van haar vader. Het contact tussen beiden was beperkt en verspreid over jaren, zonder samenwonen of gezamenlijke opvoeding. Eiseres woonde zelfstandig en ontving slechts beperkte financiële steun.
De rechtbank oordeelde dat de familieband niet voldoet aan de vereiste "additional elements of dependence other than normal emotional ties" zoals vereist voor meerderjarige kinderen onder artikel 8 EVRM Pro. De bijzondere omstandigheden van het niet kunnen samenwonen rechtvaardigen geen afwijking van het beleid. Ook de toepassing van de Gezinsherenigingsrichtlijn leidt niet tot een ander oordeel. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag voor verblijf als familie- of gezinslid wordt ongegrond verklaard.