ECLI:NL:RBDHA:2024:866
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet
Eiser, een Algerijnse nationaliteit hebbende persoon, is op 11 december 2023 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank had de maatregel reeds eerder getoetst en oordeelde dat deze tot 20 december 2023 rechtmatig was.
De rechtbank constateerde dat het vooronderzoek niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn was gesloten, maar achtte dit niet onrechtmatig omdat de uitspraak binnen een redelijke termijn volgde en eiser hierdoor niet in zijn belangen werd geschaad. Eiser stelde dat verweerder onvoldoende voortvarend was geweest in de overdracht naar Frankrijk, maar de rechtbank vond dat verweerder voldoende inspanningen had verricht, waaronder het tijdig indienen van een claimverzoek en het voeren van een vertrekgesprek.
De rechtbank concludeerde dat het voortduren van de maatregel rechtmatig was en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.