ECLI:NL:RBDHA:2024:9196
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
Eiser, van Syrische nationaliteit, diende een asielaanvraag in Nederland in, die niet in behandeling werd genomen omdat Kroatië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is. Eiser betwistte dat hij in Kroatië een verzoek om internationale bescherming heeft ingediend en verwees naar het AIDA-rapport en persoonlijke ervaringen van mishandeling en slechte opvang.
De rechtbank oordeelde dat op basis van Eurodac-gegevens en het interstatelijk vertrouwensbeginsel mag worden aangenomen dat Kroatië verantwoordelijk is. Eiser maakte onvoldoende aannemelijk dat Kroatië zijn verdragsverplichtingen niet nakomt of dat er sprake is van systeemfouten die een schending van het Handvest of EVRM veroorzaken.
De rechtbank volgde de eerdere jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en zag geen aanleiding om daarvan af te wijken. Ook recente rapporten en persoonlijke verklaringen van eiser boden onvoldoende grond om het interstatelijk vertrouwensbeginsel te verwerpen.
De rechtbank concludeerde dat de staatssecretaris terecht het verzoek van eiser niet in behandeling heeft genomen en dat overdracht aan Kroatië kan plaatsvinden. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en de asielaanvraag terecht niet in behandeling genomen wegens verantwoordelijkheid Kroatië.