ECLI:NL:RBDHA:2024:9402
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingediende ingebrekestelling bij niet tijdig beslissen asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen geïnformeerd dat een zitting niet nodig was en het onderzoek zonder zitting gesloten.
De procedure vereist dat een betrokkene eerst een ingebrekestelling indient bij het bestuursorgaan, waarna pas beroep kan worden ingesteld als na twee weken nog geen besluit is genomen. De beslistermijn voor asielaanvragen is in dit geval met negen maanden verlengd op grond van een besluit van 27 september 2022.
Eiser diende zijn aanvraag in op 21 november 2022. Na vaststelling van zijn meerderjarigheid vroeg de Nederlandse overheid Italië om terugname, welke op 19 maart 2023 werd geaccepteerd. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde echter op 26 april 2023 dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Italië niet langer geldt, waardoor Nederland verantwoordelijk werd voor de behandeling van de aanvraag.
Eiser diende op 6 maart 2024 een ingebrekestelling in, maar de rechtbank oordeelt dat dit prematuur was omdat de verlengde beslistermijn nog niet was verstreken. Hierdoor voldoet het beroep niet aan de vereisten en wordt het niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.