ECLI:NL:RBDHA:2024:953
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
De rechtbank Den Haag heeft op 25 januari 2024 uitspraak gedaan in een zaak waarin eiser beroep instelde tegen het besluit van de staatssecretaris om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen. De staatssecretaris baseerde dit besluit op de Dublinverordening, waarbij Bulgarije als verantwoordelijke lidstaat werd aangewezen.
Eiser voerde aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet toegepast kon worden vanwege ernstige tekortkomingen in het Bulgaarse asiel- en opvangsysteem, waaronder onvoldoende opvangvoorzieningen, beperkte toegang tot rechtsbijstand en het risico op pushbacks. De rechtbank overwoog echter dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State recentelijk had geoordeeld dat het vertrouwensbeginsel ten aanzien van Bulgarije nog steeds geldt, ondanks zorgwekkende omstandigheden.
Daarnaast stelde eiser dat hij risico liep op indirect refoulement naar Marokko en dat de overdracht naar Bulgarije onevenredige hardheid zou veroorzaken. De rechtbank verwierp deze gronden, stellende dat Bulgarije zich heeft verbonden aan Europese richtlijnen en dat eiser onvoldoende bijzondere omstandigheden had aangetoond.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat het besluit van de staatssecretaris rechtmatig is. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is openbaar en bevat een toelichting op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.