ECLI:NL:RBDHA:2024:9900
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen inreisverbod en SIS-registratie na afwijzing asielaanvraag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, diende in april 2024 een asielaanvraag in die werd afgewezen als kennelijk ongegrond. Hij richtte zijn beroep uitsluitend tegen het inreisverbod van twee jaar en de registratie in het Schengeninformatiesysteem (SIS) die bij besluit van 25 april 2024 waren opgelegd.
De rechtbank oordeelde dat het eerdere inreisverbod van 30 september 2022 rechtsgeldig was gepubliceerd en in werking getreden, waardoor het nieuwe inreisverbod geen nieuwe rechtsgevolgen heeft. De registratie in het SIS is verplicht op grond van EU-verordening 2018/1860 en maakt onderdeel uit van het eerdere besluit dat niet ter discussie staat in deze procedure.
Omdat eiser geen beroep heeft ingesteld tegen een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. De rechtbank wees erop dat eiser een aparte aanvraag moet indienen om het terugkeerbesluit, het inreisverbod en de SIS-registratie aan te vechten.
Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter C.W. Griffioen en griffier J.R. Froma op 25 juni 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen het inreisverbod en de SIS-registratie wordt niet-ontvankelijk verklaard.