ECLI:NL:RBDHA:2024:9902
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens sociaaleconomische redenen en onvoldoende onderbouwing psychische problemen
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, diende op 21 januari 2024 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvraag werd op 2 mei 2024 door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen als kennelijk ongegrond, omdat de gronden van vertrek sociaaleconomisch van aard waren en geen raakvlakken hadden met het Vluchtelingenverdrag.
Eiser stelde dat hij vanwege armoede en onrechtvaardigheid in Algerije was vertrokken en dat hij ernstige psychische problemen had, welke volgens hem onvoldoende waren betrokken bij de besluitvorming. De rechtbank oordeelde dat de sociaaleconomische redenen geen grond voor asiel vormden en dat de psychische problemen onvoldoende waren onderbouwd en niet asielrechtelijk relevant waren.
Eiser en zijn gemachtigde waren niet aanwezig bij de zitting, terwijl de gemachtigde van verweerder wel aanwezig was. De rechtbank zag geen reden om het bestreden besluit te vernietigen en wees het beroep ongegrond. Tevens werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen wegens gebrek aan connexiteit. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening is afgewezen.