ECLI:NL:RBDHA:2025:10195
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Vaststelling van staatloosheid van verzoekster van Palestijnse afkomst
Verzoekster, van Palestijnse afkomst en woonachtig in Nederland sinds maart 2023, heeft een verzoek ingediend tot vaststelling van haar staatloosheid. Zij bezit diverse authentieke documenten, waaronder een Syrische identiteitskaart voor Palestijnen en registratiekaarten van vluchtelingenorganisaties. De Staat adviseerde het verzoek toe te wijzen.
De rechtbank beoordeelde het verzoek op basis van de Wet vaststellingsprocedure staatloosheid (2023). Verzoekster woont in Nederland en heeft een onmiddellijk belang bij de vaststelling. De rechtbank onderzocht of verzoekster als onderdaan van de Palestijnse Gebieden of Syrië kan worden beschouwd. Nederland erkent de Palestijnse staat niet, waardoor Palestijnen als staatloos worden beschouwd. Volgens de Syrische nationaliteitswetgeving en het ambtsbericht Syrië is het niet aannemelijk dat verzoekster de Syrische nationaliteit bezit.
De rechtbank concludeert dat verzoekster niet door enige staat als onderdaan wordt beschouwd en stelt daarom haar staatloosheid vast. De beschikking is zonder mondelinge behandeling gegeven en uitgesproken op 12 juni 2025.
Uitkomst: De rechtbank stelt vast dat verzoekster staatloos is.