Eiser, een Somalische asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister nam deze aanvraag niet in behandeling met het argument dat België verantwoordelijk was volgens de Dublinverordening. Na een eerdere vernietiging van een soortgelijk besluit door de rechtbank, moest de minister een nieuw besluit nemen met nader onderzoek.
De rechtbank oordeelt dat het nieuwe besluit van 27 maart 2025 onvoldoende gemotiveerd is en niet voldoet aan de opdracht om nader onderzoek te doen naar de opvangsituatie in België voor alleenstaande meerderjarige, niet-kwetsbare mannelijke asielzoekers. De minister verwees slechts naar eerdere jurisprudentie zonder nieuwe feiten of inhoudelijke motivering.
Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en beveelt de minister een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt de minister veroordeeld in de proceskosten van eiser.