ECLI:NL:RBDHA:2025:11736
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaald verzoek voorlopige voorziening WIA-uitkering wegens ontbreken spoedeisend belang
Verzoeker heeft een herhaald verzoek ingediend om een voorlopige voorziening tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een WIA-uitkering. De voorzieningenrechter stelt vast dat het eerdere verzoek reeds op 28 april 2025 was afgewezen wegens het ontbreken van spoedeisend belang.
Verzoeker voert aan dat zijn Werkloosheidswet-uitkering eindigt en hij geen ander inkomen heeft, waardoor hij financieel in zwaar weer verkeert. Hij heeft echter geen bijstand aangevraagd uit vrees niet aan de voorwaarden te voldoen en ontvangt nog een lening van DUO.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er geen nieuwe feiten of ernstige onvolkomenheden zijn die toewijzing van het verzoek rechtvaardigen. De financiële situatie is onvoldoende veranderd en een mogelijke bijstandsuitkering is een reële optie. Daarom ontbreekt het spoedeisend belang.
Het verzoek wordt dan ook kennelijk ongegrond verklaard en afgewezen. Verzoeker hoeft het griffierecht niet te betalen wegens betalingsonmacht. Deze uitspraak bindt niet in een eventuele bodemprocedure.
Uitkomst: Het herhaalde verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van spoedeisend belang.