ECLI:NL:RBDHA:2025:11956
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling minister wegens niet tijdig beslissen machtiging voorlopig verblijf
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van de minister op hun aanvraag voor een machtiging voor voorlopig verblijf. Nadat het beroep was ingediend, heeft de minister alsnog een besluit genomen, waarna verzoekers het beroep hebben ingetrokken en vergoeding van proceskosten hebben gevorderd.
De rechtbank stelt vast dat de minister pas na het indienen van het beroep heeft beslist, waardoor de minister aan verzoekers is tegemoetgekomen. Daarom is de minister gehouden de proceskosten te vergoeden.
De minister heeft aangeboden de proceskosten tot een bedrag van € 453,50 te vergoeden. De rechtbank wijst het verzoek tot proceskostenvergoeding toe en veroordeelt de minister tot betaling van dit bedrag.
De uitspraak is gedaan zonder zitting door rechter M. Munsterman en griffier B.A. Smit, en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Verzoekers kunnen binnen zes weken verzetschrift indienen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van € 453,50 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen.