ECLI:NL:RBDHA:2025:12250
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij uitstel van vertrek vreemdeling
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor uitstel van vertrek op grond van de Vreemdelingenwet 2000, welke door de minister is afgewezen. Na bezwaar en beroep zijn meerdere verzoeken om voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft eerder een voorlopige voorziening toegewezen die de minister verbood om verwijdering te effectueren totdat op bezwaar was beslist. Na intrekking van een besluit en nieuwe afwijzing heeft verzoeker opnieuw beroep en voorlopige voorziening gevraagd.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek om voorlopige voorziening AWB 24/8077 niet-ontvankelijk is wegens het ontbreken van connexiteit met een lopende beroepsprocedure. Het verzoek AWB 25/7101 wordt afgewezen omdat het beroep waarop het betrekking had ongegrond is verklaard en een voorlopige voorziening niet langer nodig is.
Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening AWB 24/8077 is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek AWB 25/7101 is afgewezen.