Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2025:12259

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
10 juli 2025
Publicatiedatum
10 juli 2025
Zaaknummer
AWB 25/9373
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielopvangzaak met reguliere verblijfsvergunning

Verzoekster heeft zich op 17 april 2025 bij de IND gemeld voor een asielaanvraag. Omdat zij in het bezit is van een reguliere verblijfsvergunning, heeft het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) haar geweigerd opvang en verstrekkingen te verlenen. Verzoekster maakte bezwaar tegen deze weigering, dat op 1 juli 2025 ongegrond werd verklaard door het COa.

Tegen dit besluit stelde verzoekster beroep in bij de rechtbank Den Haag. Tegelijkertijd verzocht zij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen. Op 7 juli 2025 vond de zitting plaats waarbij de gemachtigden van beide partijen aanwezig waren.

De voorzieningenrechter stelde vast dat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak deed in de hoofdzaak (zaaknummer AWB 25/13763), waardoor een voorlopige voorziening niet langer nodig was. Daarom werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en de uitspraak is openbaar gemaakt op 10 juli 2025.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan op het beroep.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 25/9373

uitspraak van de voorzieningenrechter van 10 juli 2025 in de zaak tussen

[naam] , verzoekster

V-nummer: [nummer 1]
(gemachtigde: mr. J. Hemelaar),
en

het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, het COa

(gemachtigde: B.H. Wezeman).

Procesverloop

Op 17 april 2025 heeft verzoekster zich bij de IND in Ter Apel gemeld voor een asielaanvraag. Omdat verzoekster in het bezit is van een reguliere verblijfsvergunning heeft het COa haar verteld dat zij geen recht had op opvang en verstrekkingen.
Verzoekster is het daar niet mee eens en heeft bezwaar gemaakt tegen die weigering. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Bij besluit van 1 juli 2025 heeft het COa het bezwaar ongegrond verklaard. Tegen dit besluit heeft verzoekster beroep ingesteld. Het verzoek wordt thans geacht betrekking te hebben op het beroep.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met het beroep [1] , op 7 juli 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: E. Wösten als waarnemer van de gemachtigde van verzoekster en de gemachtigde van het COa.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer AWB 25/13763, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.P. Kuiters, griffier, op 10 juli 2025 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
griffier
voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.AWB 25/13763