ECLI:NL:RBDHA:2025:12471
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens ontbreken procesbelang bij ambtenaarsschorsing
Eiseres, werkzaam als majoor en commandant van de Stafcompagnie bij de Koninklijke Landmacht, werd op 28 november 2023 geschorst wegens alcoholgebruik tijdens een oefening en twijfel over haar verklaring. De plaatsvervangend commandant achtte haar gedrag onverenigbaar met haar functie en nodigde haar uit voor een hoorzitting op 26 januari 2024. Eiseres maakte bezwaar tegen deze uitnodiging en tegen een brief van 21 februari 2024 waarin haar ontheffing uit haar functie werd voorgesteld.
De staatssecretaris verklaarde deze bezwaren niet-ontvankelijk omdat de uitnodiging en de voordracht geen voor bezwaar vatbare besluiten zijn en de ontheffing pas later formeel is vastgesteld, waartegen geen bezwaar is gemaakt. Eiseres stelde dat het besluit vernietigd moest worden omdat de ondertekenaar niet aanwezig was bij de mondelinge behandeling, verwijzend naar het motiveringsbeginsel en jurisprudentie van de Hoge Raad en het EVRM.
De rechtbank oordeelde dat eiseres geen procesbelang heeft bij behandeling van het beroep omdat het resultaat dat zij nastreeft, reputatieherstel, niet kan worden bereikt door vernietiging van het bestreden besluit. Ook erkende de rechtbank dat de uitnodiging en voordracht geen besluiten in de zin van de Awb zijn. Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Eiseres krijgt geen griffierecht terug en geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.