ECLI:NL:RBDHA:2025:12534
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na uitspraak beroepsprocedure
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister is afgewezen als kennelijk ongegrond met een besluit van 21 november 2024. Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen deze afwijzing en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd om de afwijzing tijdelijk ongedaan te maken.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met de behandeling van het beroep op 1 mei 2025 behandeld. Op dezelfde dag is in de hoofdzaak uitspraak gedaan (zaaknummer NL24.47377), waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening verviel.
Daarom heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.