Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Libische nationaliteithebbende, is op 16 april 2025 een maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. De maatregel duurt voort en eiser heeft beroep ingesteld tegen het voortduren hiervan, met een verzoek om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder zitting op 17 juli 2025.
De rechtbank toetst of het voortduren van de maatregel sinds 6 mei 2025 rechtmatig is. Eiser stelt dat er geen zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn naar Libië, mede omdat hij niet meewerkt aan de terugkeer. De rechtbank oordeelt dat er geen aanwijzingen zijn dat het zicht op uitzetting ontbreekt. De minister handelt voortvarend, blijkt uit regelmatige rappels bij de Libische autoriteiten en vertrekgesprekken met eiser.
De rechtbank benadrukt dat eiser verplicht is mee te werken aan zijn terugkeer en dat het niet meewerken voor zijn rekening en risico komt. De ambtshalve toetsing bevestigt dat het voortduren van de maatregel niet onrechtmatig is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.