ECLI:NL:RBDHA:2025:13136
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot vaststelling staatloosheid wegens tijdelijke bescherming
Verzoeker, geboren in Namangan (Oezbekistan), heeft in april 2022 Nederland binnengekomen en een asielaanvraag ingediend. De Staat heeft vastgesteld dat verzoeker onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming valt, die is geactiveerd voor Oekraïense ontheemden en verlengd tot 4 maart 2026.
De rechtbank beoordeelt het verzoek tot vaststelling van staatloosheid op grond van de Wet vaststellingsprocedure staatloosheid. Artikel 3 lid 2 van Pro deze wet bepaalt dat een verzoek niet-ontvankelijk is indien de verzoeker ook een aanvraag tot verblijfsvergunning heeft ingediend die nog niet onherroepelijk is beslist.
Omdat verzoeker onder de tijdelijke beschermingsrichtlijn valt en een asielaanvraag heeft ingediend die niet inhoudelijk wordt behandeld zolang de tijdelijke bescherming geldt, is het verzoek niet-ontvankelijk. De rechtbank wijst het verzoek dan ook af en verklaart verzoeker niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot vaststelling van staatloosheid vanwege lopende asielaanvraag onder tijdelijke beschermingsrichtlijn.