Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres,
Procesverloop
verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor verblijf bij
[referent] (referent).
Rechtbank Den Haag
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. Eerder had de rechtbank een beroep van haar gegrond verklaard en de minister opgedragen binnen een termijn een besluit te nemen, met een dwangsom bij overschrijding.
Ondanks deze uitspraak heeft de minister opnieuw niet binnen de gestelde termijn beslist, waarna eiseres opnieuw beroep instelde. De rechtbank wijst het verzoek om griffierechtvrijstelling toe wegens betalingsonmacht en bevestigt dat een nieuwe ingebrekestelling niet vereist is omdat de minister zich niet aan de eerder opgelegde termijn heeft gehouden.
De rechtbank draagt de minister op binnen twee weken na deze uitspraak alsnog een besluit te nemen en legt een dwangsom van €200 per dag op, met een maximum van €15.000, vanwege het uitblijven van een besluit. Tevens wordt de minister veroordeeld in de proceskosten van eiseres. De rechtbank benadrukt dat de minister geen lagere dwangsom kan vragen omdat dit het doel van de dwangsom ondermijnt.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de minister op binnen twee weken een besluit te nemen onder oplegging van een dwangsom.