ECLI:NL:RBDHA:2025:14411
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging overdrachtstermijn wegens doelbewust onderduiken van asielzoeker
Eiser, een Turkse asielzoeker, diende op 13 februari 2025 een asielaanvraag in Nederland in. Deze werd niet in behandeling genomen omdat Duitsland verantwoordelijk is volgens de Dublinverordening. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit, maar dit werd ongegrond verklaard en bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Verweerder verlengde de overdrachtstermijn met twaalf maanden omdat eiser ondergedoken zou zijn. Eiser betwistte dit en stelde dat hij beschikbaar bleef voor de procedure en contact hield met zijn gemachtigde. De rechtbank oordeelde dat eiser doelbewust buiten het bereik van de nationale autoriteiten is gebleven door zelfstandig de opvang te verlaten zonder dit te melden, wat onderduiken inhoudt volgens het EU-Hof in het arrest Jawo.
De rechtbank verwierp de stellingen van eiser dat hij zich aan de meldplicht hield en dat hij door omstandigheden niet in opvang verbleef, omdat deze niet onderbouwd waren. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de verlenging van de overdrachtstermijn wegens onderduiken blijft gehandhaafd.