ECLI:NL:RBDHA:2025:14563
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag van een Koerdische Turkse nationaliteit met beroep tegen de beslissing van de minister van Asiel en Migratie
In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag wordt het beroep van eiser, een Koerdische man van Turkse nationaliteit, tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag behandeld. Eiser had op 21 november 2022 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel, welke door de minister op 16 juli 2024 werd afgewezen. Eiser stelde dat hij vanwege zijn Koerdische afkomst, zijn politieke activiteiten voor de HDP, en zijn problemen met de Turkse autoriteiten, vreesde voor vervolging bij terugkeer naar Turkije. De rechtbank oordeelde dat de minister onvoldoende had gemotiveerd dat eiser bij terugkeer een reëel risico op vervolging liep, en dat de asielmotieven in onderlinge samenhang waren beoordeeld. De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond was, en dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand bleef. Eiser kreeg geen vergoeding van proceskosten en de uitspraak werd openbaar gemaakt op 6 augustus 2025.