ECLI:NL:RBDHA:2025:1476
Rechtbank Den Haag
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling met toepassing hardheidsclausule
De heer verzoeker bevond zich in een problematische schuldensituatie met recente zakelijke en privé schulden, waaronder bij de Belastingdienst en energieleveranciers. Hij deed een verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP).
Tijdens de zitting op 16 januari 2025 werden de omstandigheden besproken, waaronder het feit dat de zakelijke schulden voortkomen uit een inmiddels beëindigde onderneming. De rechtbank constateerde dat sommige schulden mogelijk niet te goeder trouw zijn ontstaan, wat toelating tot de WSNP zou kunnen belemmeren.
Echter, op basis van het beroep op de hardheidsclausule van artikel 288 lid 3 Fw Pro, oordeelde de rechtbank dat de verzoeker de omstandigheden die leidden tot de schulden voldoende onder controle heeft gekregen. De verzoeker krijgt begeleiding van de reclassering en toont bereidwilligheid om zijn situatie te verbeteren.
De rechtbank acht aannemelijk dat de verzoeker aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen en besluit hem toe te laten tot de regeling voor een periode van achttien maanden, met een postblokkade van dertien maanden. Tevens worden de beslagleggingen opgeheven en een rechter-commissaris en bewindvoerder benoemd.
Deze beslissing biedt de verzoeker de mogelijkheid om zijn schuldenproblematiek aan te pakken en na afloop van de regeling een schone lei te verkrijgen.
Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de WSNP met toepassing van de hardheidsclausule voor een periode van achttien maanden.