ECLI:NL:RBDHA:2025:15081

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
13 augustus 2025
Publicatiedatum
13 augustus 2025
Zaaknummer
NL25.33834 en AWB25/14472
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 56 VwopArt. 10 Regelingen verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005Art. 11 Regelingen verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005Vreemdelingenwet 2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing van verzoeken tot voorlopige voorziening tegen plaatsingsbesluit en vrijheidsbeperkende maatregel

De rechtbank Den Haag heeft op 13 augustus 2025 uitspraak gedaan over twee verzoeken tot het treffen van een voorlopige voorziening, beide connex aan beroepen van verzoeker tegen besluiten van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COa) en de minister van Asiel en Migratie. Het eerste verzoek betrof het plaatsingsbesluit van het COa van 10 juli 2025, waarbij verzoeker in een Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) in Hoogeveen werd geplaatst. Het tweede verzoek richtte zich tegen een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd door de minister op dezelfde datum, gebaseerd op artikel 56 van Pro de Vreemdelingenwet.

De voorzieningenrechter behandelde de verzoeken gelijktijdig met de beroepen op 1 augustus 2025 te Groningen, waarbij partijen en hun gemachtigden aanwezig waren, evenals een tolk. Na sluiting van het onderzoek heeft de rechtbank bij uitspraak in de hoofdzaak de beroepen ongegrond verklaard, waardoor voorlopige voorzieningen niet langer noodzakelijk waren.

Op grond hiervan wees de voorzieningenrechter de verzoeken tot voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter F. Sijens en griffier K.E. Mulder en is openbaar gemaakt via Rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: De verzoeken tot voorlopige voorziening tegen het plaatsingsbesluit en de vrijheidsbeperkende maatregel zijn afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummers: NL25.33834 en AWB25/14472

uitspraak van de voorzieningenrechter van 13 augustus 2025 in de zaken tussen

[naam], verzoeker,

geboren op [geboortedatum],
van Turkse nationaliteit,
V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. F. Jansen),
en

het bestuur van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers, het COa,

evenals

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

(gemachtigde: mr. P.A.L.A. van Ittersum)

Procesverloop

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank twee verzoeken tot het treffen van een voorlopige voorziening. Het eerste verzoek van verzoeker is connex aan het beroep van verzoeker gericht tegen het besluit van het COa van 10 juli 2025. In dat besluit heeft het COa besloten om verzoeker vanaf 10 juli 2025 in een HTL [1] in Hoogeveen te plaatsen (het plaatsingsbesluit). [2] Het tweede verzoek van verzoeker is connex aan het beroep van verzoeker gericht tegen het besluit van de minister van dezelfde datum om hem een vrijheidsbeperkende maatregel als bedoeld in artikel 56 van Pro de Vw [3] op te leggen.
1.1.
De rechtbank heeft de voorlopige voorzieningen, gelijktijdig met de beroepen op 1 augustus 2025 op zitting behandeld. Eiser en mr. F. Hoppenbrouwer, als waarnemer van zijn gemachtigde, zijn verschenen. Ook is een tolk verschenen. De minister en het COa hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde. De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummers: NL25.33832 en AWB25/14471, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen en de beroepen ongegrond verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. F. Sijens, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. K.E. Mulder, griffier op 13 augustus 2025 en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
de griffier de voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.Handhaving- en Toezichtlocatie.
2.Op grond van artikel 10, eerste lid, aanhef en onder h en i, en artikel 11, eerste lid van de Regelingen verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005.
3.Vreemdelingenwet 2000.