ECLI:NL:RBDHA:2025:15391
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vonnis in kort geding over vervangende toestemming en paspoortafgifte voor vakantie minderjarige
In deze zaak vorderen de ouders van een minderjarige in kort geding vervangende toestemming voor een vakantie en de afgifte van het paspoort van het kind. Partijen hadden eerder afspraken gemaakt over vakanties en communicatie, en waren in mediation om hun geschilpunten op te lossen.
Tijdens de zitting ondertekende de vrouw het toestemmingsformulier voor de vakantie van de man met het kind, en gaf de man aan het paspoort te hebben ontvangen. Hierdoor werden de verzoeken tot vervangende toestemming en afgifte paspoort als ingetrokken beschouwd.
Beide partijen vorderden vervolgens proceskostenvergoeding van de ander. De voorzieningenrechter overwoog dat in procedures tussen ex-partners terughoudendheid geboden is om de onderlinge relatie niet verder te belasten en dat de hoofdregel is dat partijen ieder hun eigen kosten dragen.
Gelet op het mediationtraject en het belang van een goede verstandhouding werd besloten dat iedere partij haar eigen proceskosten draagt. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Verzoeken tot vervangende toestemming en paspoortafgifte worden als ingetrokken beschouwd; partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.