De moeder verzocht de rechtbank om de zorgregeling voor de minderjarige kinderen te wijzigen, waarbij de kinderen iedere week van zaterdag 18.00 uur tot zondag 18.00 uur bij de vader zouden verblijven en de woensdagen in onderling overleg verdeeld zouden worden. De vader verzocht de rechtbank om de bestaande zorgregeling van november 2023 te bekrachtigen en vroeg daarnaast om een dwangsom tegen de moeder wegens het niet naleven van de zorgregeling.
De rechtbank constateerde dat de ouders sinds november 2023 een afwijkende zorgregeling uitvoerden en dat de omstandigheden waren gewijzigd, waardoor een herziening van de regeling mogelijk was. Tijdens de zitting bleek dat de communicatie tussen de ouders slecht verliep en dat het in het belang van de kinderen was om een duidelijke regeling vast te stellen met zo min mogelijk overgangsmomenten via de ouders.
De rechtbank bepaalde dat de kinderen voortaan van zaterdag 18.00 uur tot maandag naar school onder verantwoordelijkheid van de vader verblijven, waarbij de moeder de kinderen op zaterdag brengt en de vader op maandag naar school. Het verzoek om de woensdagen in onderling overleg te verdelen werd afgewezen vanwege de slechte communicatie en het belang van de kinderen. Het verzoek tot het opleggen van een dwangsom aan de moeder werd eveneens afgewezen omdat de zorgregeling voorafgaand aan de zitting weer was opgestart.
De proceskosten werden ieder voor eigen rekening genomen en het verzoek tot meer of anders werd afgewezen.