ECLI:NL:RBDHA:2025:16061
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen oplegging ROV-3-maatregel door COa
Eiser, een asielzoeker van Salvadoraanse nationaliteit, maakte bezwaar tegen een ROV-3-maatregel die het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) aan hem oplegde wegens verbaal agressief gedrag tijdens een incident op 24 december 2024 in het asielzoekerscentrum Groningen.
De rechtbank overwoog dat eiser de gedragingen tijdens het incident niet betwistte en onvoldoende aannemelijk maakte dat de context van het incident, waaronder eerdere conflicten en bedreigingen, tot een ander oordeel zou moeten leiden. De kwalificatie van het incident als middelgrote impact werd bevestigd.
Daarnaast werd het bezwaar tegen de duur van de maatregel van vier weken afgewezen, omdat dit conform het Maatregelenbeleid is en geen bewijs was geleverd dat een kortere duur was toegezegd. Ook was er geen sprake van dwang bij het ondertekenen van het besluit.
Beroepsgronden die zagen op strafbare feiten werden buiten beschouwing gelaten omdat deze niet binnen de bestuursrechtelijke procedure vallen. Het beroep werd ongegrond verklaard, het verzoek om schadevergoeding afgewezen en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de ROV-3-maatregel is ongegrond verklaard en de maatregel van vier weken inhouding leefgeld blijft van kracht.