ECLI:NL:RBDHA:2025:16364
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren maatregel bewaring vreemdeling
De minister van Asiel en Migratie heeft op 27 mei 2025 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft besloten het onderzoek ter zitting achterwege te laten.
De rechtbank beoordeelt of de maatregel sinds het sluiten van het eerdere onderzoek op 15 juli 2025 rechtmatig is. Eiser stelt dat de minister onvoldoende voortvarend werkt aan zijn uitzetting naar Algerije en dat het zicht op uitzetting ontbreekt vanwege het ontbreken van een reactie op de aanvraag voor een laissez-passer. De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak van 18 juli 2025 en overneemt het oordeel dat er wel zicht is op uitzetting en dat de minister voldoende voortvarend handelt.
De voortgangsrapportage toont aan dat de minister meerdere malen heeft gerappelleerd en gesprekken met eiser heeft gevoerd. De rechtbank ziet geen aanleiding om het beroep gegrond te verklaren en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er staat geen rechtsmiddel open tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.