ECLI:NL:RBDHA:2025:17107
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen vrijheidsontnemende maatregel in grensdetentie
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd door de minister van Asiel en Migratie op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeeld of de maatregel gerechtvaardigd en proportioneel is.
De rechtbank overweegt dat het grensbewakingsbelang in beginsel het opleggen van een vrijheidsontnemende maatregel vereist, tenzij bijzondere individuele omstandigheden deze maatregel onevenredig bezwarend maken. Eiseres stelde dat haar detentie te lang duurt en aanvoelt als gevangenis, maar zij kon geen bijzondere omstandigheden aanvoeren die vrijheidsontneming onredelijk maken.
De rechtbank constateert dat de minister zijn onderzoeksplicht heeft vervuld en dat de detentie nog niet de door de Afdeling bestuursrechtspraak gestelde termijn van dertien weken heeft overschreden. Het verzoek om schadevergoeding wordt eveneens afgewezen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.