ECLI:NL:RBDHA:2025:17153
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige bedreigingen door Al Shabaab
Eiser, van Somalische nationaliteit, verzocht op 14 maart 2024 om een verblijfsvergunning asiel. Hij stelde dat hij bedreigd werd door Al Shabaab omdat hij weigerde militaire kleding voor hen te maken, en dat ook zijn familie gevaar liep. Daarnaast gaf hij problemen aan vanwege zijn etniciteit en afpersing door een man genaamd Hirzi.
De minister wees de aanvraag af wegens gebrek aan geloofwaardigheid van de bedreigingen door Al Shabaab en de problemen vanwege etniciteit. De rechtbank bevestigt dit oordeel na beoordeling van de inconsistenties in de verklaringen van eiser, het ontbreken van onderbouwing met documenten en het niet aannemelijk maken van een actuele dreiging van Hirzi.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij een gegronde vrees voor vervolging of ernstige schade heeft bij terugkeer naar Somalië. De problemen met Al Shabaab en de etnische discriminatie zijn onvoldoende onderbouwd en de vrees voor Hirzi is gebaseerd op vermoedens.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard, het bestreden besluit blijft in stand en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.