ECLI:NL:RBDHA:2025:17380
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak uitstel vertrek vreemdeling
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie waarin het uitstel van vertrek is toegekend met ingang van 19 augustus 2024. Zij betwist de ingangsdatum van dit uitstel. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening behandeld, maar na uitspraak van de rechtbank op het beroep, waarbij het bestreden besluit is vernietigd voor zover het de ingangsdatum betreft, is een voorlopige voorziening niet langer nodig.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening daarom af. Wel veroordeelt hij de minister in de proceskosten van verzoekster, vastgesteld op € 907,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter H. Hanssen-Telman en griffier P.C.J. Lindeijer, en is openbaar gemaakt op rechtspraak.nl.
Er staat geen rechtsmiddel open tegen deze uitspraak. Zowel de minister als de staatssecretaris worden in de uitspraak aangeduid als de minister.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de minister wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoekster.