ECLI:NL:RBDHA:2025:17661
Rechtbank Den Haag
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens vermeende partijdigheid
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de kantonrechter in een civiele zaak tegen Stichting Woonforte, stellende dat de kantonrechter haar niet liet uitpraten, door haar heen praatte, partijdig was en haar verweerschrift niet goed had gelezen.
De wrakingskamer beoordeelde het verzoek en stelde vast dat klachten over de wijze van bejegening niet geschikt zijn voor een wrakingsprocedure, maar kunnen worden ingediend bij het gerechtsbestuur. Concrete feiten die de schijn van partijdigheid zouden wekken, zijn niet gesteld of gebleken.
De kantonrechter had de procedure geschorst om partijen tot afspraken te laten komen, wat verzoekster niet wilde. De kamer vond geen aanwijzingen dat de kantonrechter het verweerschrift niet had gelezen of partijdig was. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en het proces wordt voortgezet zoals het was ten tijde van het verzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor partijdigheid.