ECLI:NL:RBDHA:2025:17915
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag Somalië wegens gebrek aan nieuwe elementen en handhaving terugkeerbesluit
Eiser, een Somalische asielzoeker, diende op 11 juni 2025 een opvolgende asielaanvraag in, waarin hij zich opnieuw beroept op zijn homoseksuele geaardheid. De minister van Asiel en Migratie verklaarde deze aanvraag niet-ontvankelijk omdat eiser geen nieuwe relevante elementen of bevindingen had aangevoerd. Eiser voerde aan dat het gehoor onzorgvuldig was vanwege medische klachten en dat hij uitgebreidere verklaringen over zijn geaardheid had gegeven.
De rechtbank oordeelde dat het gehoor onzorgvuldig was afgenomen, maar dat dit niet leidde tot schending van het zorgvuldigheidsbeginsel, omdat eiser voldoende gelegenheid had gehad zijn motieven toe te lichten. Er waren geen nieuwe, relevante elementen die de kans op inwilliging van de aanvraag aanzienlijk vergrootten. Tevens was verweerder niet verplicht om ambtshalve te toetsen op een buitenschuldvergunning of het risico op schending van artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank handhaafde het terugkeerbesluit en het inreisverbod, omdat het asielrelaas niet geloofwaardig was bevonden en geen nieuwe omstandigheden waren aangevoerd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de opvolgende asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.