ECLI:NL:RBDHA:2025:1796
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet tijdig nemen machtiging voorlopig verblijf nareis
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. Eerder had de rechtbank een termijn gesteld waarbinnen de minister een besluit moest nemen, maar deze termijn werd niet nageleefd.
De rechtbank wijst het verzoek om griffierechtvrijstelling toe wegens betalingsonmacht en bevestigt dat een nieuwe ingebrekestelling niet vereist is na eerdere rechterlijke termijnstelling. De rechtbank draagt de minister op binnen twee weken na deze uitspraak alsnog een besluit te nemen en legt een dwangsom op van € 200 per dag met een maximum van € 15.000 vanwege eerdere onvoldoende naleving.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank de minister in de proceskosten van eiser, vastgesteld op € 453,50. De uitspraak is zonder zitting gedaan op grond van artikel 8:54 Awb Pro en openbaar gemaakt op 10 februari 2025.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt de minister op binnen twee weken een besluit te nemen, met een dwangsom van € 200 per dag bij overschrijding.