Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Algerijnse vreemdeling, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 10 augustus 2025 door de minister van Asiel en Migratie is opgelegd op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de maatregel tot 20 augustus 2025 beoordeeld en achtte deze toen rechtmatig.
In dit vervolgberoep richt de beoordeling zich op de periode na 20 augustus 2025. Eiser betoogt dat uit de voortgangsrapportage blijkt dat de overheid voldoende voortvarend handelt en dat er zicht is op uitzetting, waarmee hij de rechtmatigheid van het voortduren van de maatregel niet betwist. De rechtbank concludeert dat ook ambtshalve toetsing geen onrechtmatigheid aan het licht brengt.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst tevens het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.