ECLI:NL:RBDHA:2025:18151
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen verlopen inreisverbod
Eiseres, met de Indiase nationaliteit, kreeg op 1 maart 2021 een inreisverbod opgelegd voor twee jaar. Dit besluit werd aangevochten door middel van beroep bij de rechtbank. Uit het proces-verbaal en informatie van de minister blijkt dat eiseres op 15 januari 2021 de Europese Unie heeft verlaten en dat de duur van het inreisverbod inmiddels is verstreken.
De rechtbank oordeelt dat het inreisverbod van rechtswege is komen te vervallen en dat eiseres daardoor geen procesbelang meer heeft bij de beoordeling van haar beroep. Dit betekent dat zij door het beroep niet in een materieel gunstigere positie kan komen. De beroepsgronden hoeven daarom niet inhoudelijk te worden besproken.
Op grond hiervan verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 25 september 2025 door rechter J.F.I. Sinack. Partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het inreisverbod wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.