ECLI:NL:RBDHA:2025:18666
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N. Meesters - van Luijk
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen plaatsing in Handhaving- en Toezichtlocatie en vrijheidsbeperkende maatregel
Eiser heeft twee beroepen ingesteld tegen besluiten van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COa) en de minister van Asiel en Migratie. Het eerste betreft zijn plaatsing vanaf 11 juli 2025 in een Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) in Hoogeveen. Het tweede betreft de maatregel van beperking van zijn vrijheid van beweging opgelegd door de minister.
De rechtbank behandelde de zaak op 2 oktober 2025, waarbij eiser en zijn gemachtigde afwezig waren. De rechtbank oordeelt dat de beroepen ontvankelijk zijn, ondanks het niet tijdig indienen van gronden, omdat de gemachtigde niet voldoende was gewaarschuwd voor de gevolgen hiervan.
Feitelijk staat vast dat eiser op 8 juli 2025 agressief en bedreigend gedrag heeft vertoond, waaronder vernielingen en doodsbedreigingen, met grote impact op medewerkers en bewoners. Hoewel eiser stelt dat hij onder grote druk staat en het verblijf in de HTL ondraaglijk is, acht de rechtbank de plaatsing en vrijheidsbeperkende maatregel proportioneel en rechtmatig.
De beroepen worden ongegrond verklaard en de rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter N. Meesters - van Luijk en openbaar gemaakt op 9 oktober 2025.
Uitkomst: De beroepen tegen het plaatsingsbesluit in de HTL en de vrijheidsbeperkende maatregel worden ongegrond verklaard.