ECLI:NL:RVS:2006:AV2949
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- S.F.M. Wortmann
- M.A.A. Mondt-Schouten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid bezwaar bouwvergunning Weesp
Het college van burgemeester en wethouders van Weesp weigerde op 23 december 2003 een reguliere bouwvergunning voor het vervangen van een recreatiewoning te verlenen. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het college verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat appellant de gronden van het bezwaar niet binnen de gestelde termijn had ingediend.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college appellant niet voldoende had gewezen op de consequenties van het niet tijdig indienen van de bezwaarschriftgronden, waardoor het college het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk had verklaard.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college en verklaarde het beroep alsnog gegrond. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de weigering van de bouwvergunning wordt gegrond verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkheid vernietigd.