ECLI:NL:RBDHA:2025:18694
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij asielaanvraag buiten behandeling gesteld
Eiser diende op 3 oktober 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel in Nederland. De minister stelde deze aanvraag op 6 juni 2025 buiten behandeling omdat eiser met onbekende bestemming was vertrokken. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank vroeg partijen of een zitting nodig was; dit werd door partijen niet gewenst, waarna de zaak zonder zitting werd behandeld.
De kernvraag was of eiser nog procesbelang had bij een inhoudelijke behandeling van zijn beroep. Eiser gaf aan dat hij inmiddels met een verblijfsvergunning in het Verenigd Koninkrijk verblijft en dat zijn beroep zich richt tegen de aanzegging tot vertrek naar Griekenland, waar hij internationale bescherming geniet. De rechtbank oordeelde dat het verblijf in het buitenland en het intrekken van de asielaanvraag in Nederland concrete aanknopingspunten zijn dat eiser geen prijs meer stelt op bescherming in Nederland.
De rechtbank concludeerde dat eiser geen actueel belang meer heeft bij de inhoudelijke behandeling van zijn beroep en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Er wordt geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak is gedaan door rechter S. Kompier en griffier F. Metz op 10 oktober 2025.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.