ECLI:NL:RBDHA:2025:18922
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid en onvoldoende inspanningsverplichting terugkeer
Eiser, een Palestijnse staatloze met een verleden in Saoedi-Arabië en Libanon, verzocht om asiel in Nederland. Hij stelde dat hij vanwege bedreigingen door Hezbollah en zijn verblijfsstatus in Saoedi-Arabië niet veilig kon terugkeren. De minister wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, met name vanwege tegenstrijdigheden in het asielrelaas en het niet tijdig indienen van de aanvraag.
De rechtbank bevestigde dat de verklaringen van eiser over zijn verblijf en bedreigingen door Hezbollah niet geloofwaardig zijn. Eiser gaf tegenstrijdige verklaringen over zijn bezoek aan Libanon en kon onvoldoende onderbouwen waarom hij zich niet eerder had gemeld voor asiel. De minister had eiser voldoende gelegenheid gegeven om zijn verhaal toe te lichten, ook rekening houdend met zijn psychische gesteldheid.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat eiser onvoldoende had aangetoond dat hij niet aan zijn inspanningsverplichting kon voldoen om geldig verblijf in Saoedi-Arabië te verkrijgen. Ondanks psychische klachten had hij onvoldoende sollicitaties en bewijs overlegd. De rechtbank wees het beroep af en handhaafde de afwijzing van de asielaanvraag als kennelijk ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en de aanvraag blijft afgewezen.