Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker,
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 30 december 2024 waarin is bepaald dat hij niet in aanmerking komt voor een reguliere verblijfsvergunning. Tevens heeft hij tweemaal verzocht om een voorlopige voorziening om de terugkeer naar Turkije te voorkomen.
De voorzieningenrechter beoordeelt eerst de indieningsvereisten, maar gaat hier vanwege uitzonderlijke omstandigheden voorbij. Er is sprake van een cluster van zaken met weinig communicatie en vermoedelijk misbruik van recht. Verzoeker heeft niet duidelijk gemaakt welke voorlopige voorziening wordt gevraagd, maar dit wordt geïnterpreteerd als opschorting van de terugkeerplicht.
Verzoeker beroept zich zonder onderbouwing op het associatierecht tussen de EU en Turkije en toont bereidheid de aanvraag aan te vullen, maar dit is onvoldoende om het bezwaar kansrijk te achten. Het bezwaar wordt daarom ongegrond verklaard. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van connexiteit na de ongegrondverklaring van het bezwaar.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en het bezwaar tegen het primaire besluit wordt ongegrond verklaard.