ECLI:NL:RBDHA:2025:19308
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
Eiser, een Algerijnse vreemdeling, maakte bezwaar tegen het voortduren van een maatregel van bewaring die op 15 juli 2025 was opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet 2000. De rechtbank had deze maatregel reeds eerder getoetst en geconstateerd dat deze tot 6 augustus 2025 rechtmatig was.
De beoordeling richtte zich daarom op de periode na 6 augustus 2025. De rechtbank concludeerde dat de Algerijnse autoriteiten nog geen laissez-passer hadden verstrekt, maar dat er geen aanwijzingen waren dat uitzetting onmogelijk was. Verweerder had voldoende voortvarend gehandeld door periodiek navraag te doen en vertrekgesprekken te voeren.
Eiser had een geplande presentatie op 11 september 2025 geannuleerd zonder geldige reden en gaf niet volledige medewerking aan zijn terugkeer. De rechtbank vond geen grond om het voortduren van de bewaring onrechtmatig te achten en wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.