ECLI:NL:RBDHA:2025:1964
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens overdracht aan Polen afgewezen
Eiser, van Soedanese nationaliteit, diende een asielaanvraag in die door de minister niet in behandeling werd genomen omdat Polen verantwoordelijk is voor de aanvraag op grond van de Dublinverordening. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting en verklaart het kennelijk ongegrond.
De rechtbank oordeelt dat de minister het besluit zorgvuldig heeft voorbereid, ondanks het gebruik van standaardoverwegingen in het voornemen. Het interstatelijk vertrouwensbeginsel is terecht toegepast ten aanzien van Polen, waarbij geen sprake is van fundamentele systeemfouten of bijzondere individuele omstandigheden die een uitzondering rechtvaardigen.
Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij in Polen een reëel risico loopt op schending van zijn rechten of dat hij mishandeld is zonder adequate bescherming. De rechtbank bevestigt dat de minister de asielaanvraag terecht niet in behandeling heeft genomen en dat de overdracht aan Polen kan plaatsvinden. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt kennelijk ongegrond verklaard en eiser mag worden overgedragen aan Polen.