ECLI:NL:RBDHA:2025:1987
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing urgentieverklaring wegens ontbreken urgent huisvestingsprobleem en zelfstandige woonruimte
Eiser woont al 18 jaar in bij zijn broer en diens gezin en heeft een eigen ruimte met kook- en wasfaciliteiten. Sinds 2020 woont zijn meerderjarige zoon ook bij hem. Eiser vroeg een urgentieverklaring aan vanwege vocht- en schimmelproblemen in de woning, gezondheidsproblemen, te kleine woonruimte en dreigende dakloosheid omdat de woning te koop staat.
Verweerder wees de aanvraag af op basis van meerdere algemene weigeringsgronden, waaronder het ontbreken van een urgent huisvestingsprobleem, het feit dat de gebreken op andere wijze kunnen worden verholpen en dat de woning formeel geen zelfstandige woonruimte is. Ook is er geen medische noodzaak voor 24-uurszorg aangetoond.
De rechtbank oordeelt dat verweerder de aanvraag terecht en gemotiveerd heeft afgewezen. De woning is geen zelfstandige woonruimte en de problemen van eiser leveren geen urgent huisvestingsprobleem op. De hardheidsclausule is niet van toepassing omdat eiser onvoldoende onderscheidend is ten opzichte van andere woningzoekenden en hij nog niet alle mogelijkheden heeft benut, zoals het accepteren van seniorenwoningen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor eiser geen urgentieverklaring krijgt en geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de urgentieverklaring wordt ongegrond verklaard.