Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 februari 2025 in de zaken tussen
het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer, het college,
Procesverloop
.
Rechtbank Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer verleende een omgevingsvergunning voor het verbouwen van een bedrijfswoning tot woning en het bouwen van twee geschakelde woningen op het achtererf van een perceel met bestemming 'Bedrijf'. Eisers maakten bezwaar tegen het besluit en voerden aan dat het bouwvolume te groot is, de bouwhoogte van 10 meter leidt tot schaduwhinder en overlast, en zij vrezen huisvesting van arbeidsmigranten.
De rechtbank oordeelt dat het bestemmingsplan geen beperking kent van 750 m³ bouwvolume per perceel en dat het college zich redelijk heeft kunnen opstellen om van de inhoudsmaat af te wijken. De bouwhoogte van 10 meter is passend binnen de omgeving. Het woon- en leefklimaat wordt niet onaanvaardbaar aangetast, mede omdat het gebruik voor wonen minder overlast veroorzaakt dan bedrijvigheid.
De vrees voor huisvesting van arbeidsmigranten wordt niet aannemelijk geacht, mede omdat vergunninghoudster het perceel wil verkopen en handhaving mogelijk is bij ander gebruik. De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond en wijst proceskostenvergoedingen af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De beroepen tegen de omgevingsvergunning worden ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.