Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], V-nummer: [nummer], eiser
de Minister van Asiel en Migratie,
Samenvatting
Procesverloop
Overwegingen
artikel 24 van Pro de Procedurerichtlijn gehandeld.
Rechtbank Den Haag
Eiser diende op 22 maart 2025 een asielaanvraag in, die de minister op 8 juli 2025 niet-ontvankelijk verklaarde omdat eiser internationale bescherming geniet in Frankrijk. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit en voerde aan dat de minister in strijd met artikel 24 van Pro de Procedurerichtlijn heeft gehandeld door geen nader medisch onderzoek te laten uitvoeren ondanks verwarde verklaringen.
De rechtbank oordeelt dat de minister onvoldoende zorgvuldig heeft onderzocht of eiser in staat was zijn verhaal op een consistente en betrouwbare wijze naar voren te brengen. De verklaringen van eiser bevatten bevreemdende en onsamenhangende elementen, en er waren aanwijzingen voor psychische problematiek. De minister had daarom nader medisch onderzoek moeten laten plaatsvinden.
De rechtbank draagt de minister op binnen twee weken aan te geven of hij gebruik maakt van de gelegenheid het gebrek te herstellen en stelt een termijn van acht weken voor het uitvoeren van het medisch onderzoek en het eventueel opnieuw horen van eiser. De rechtbank houdt verdere beslissingen aan tot de einduitspraak en neemt nog geen beslissing over proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank stelt de minister in de gelegenheid een medisch onderzoek uit te voeren en houdt verdere beslissingen aan.