Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 6 oktober 2025 in de zaken tussen
[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Geschil
In geschil zijn de navorderingsaanslagen IB/PVV en ZVW over de jaren 2006 en 2008 en de daarbij gegeven boete- en rentebeschikkingen.
nemo teneturfaalt het nu dat beginsel niet afdoet aan de gehoudenheid tot het doen van aangifte, ook niet indien de belastingplichtige door aan die verplichting te voldoen mogelijk de verdenking op zich laat een strafbaar feit te hebben gepleegd. [3]
Beslissing
- verklaart de beroepen SGR 25/450 en SGR 25/453 ongegrond;
- verklaart de beroepen SGR 25/449 en SGR 25/452 gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar voor zover deze betrekking heeft op de opgelegde vergrijpboeten;
- vermindert de vergrijpboete opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV 2006 (SGR 25/449) tot € 3.492;
- vermindert de vergrijpboete opgelegd bij de navorderingsaanslag IB/PVV 2008 (SGR 25/452) tot € 5.698;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde deel van de uitspraak op bezwaar;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 226,75;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 53 aan eiser te vergoeden.