In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag op 13 november 2025, met zaaknummers 24/8278 en 24/9972, wordt het verzoek van eiseres, een afvalverwerkingsbedrijf, om een omgevingsvergunning voor het veranderen van haar activiteiten afgewezen. De gemeente Rotterdam, als eigenaar van het perceel, heeft geen toestemming gegeven voor een intensiever gebruik van het perceel, waardoor eiseres geen belanghebbende is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank oordeelt dat er sprake is van een evidente privaatrechtelijke belemmering, wat betekent dat het verzoek niet kan worden aangemerkt als een aanvraag in de zin van de Awb. Eiseres heeft eerder een vergunning gekregen voor haar activiteiten, maar de huurovereenkomst is inmiddels geëindigd en er is geen geldige toestemming van de gemeente om de activiteiten uit te breiden. De rechtbank concludeert dat de brief van de gemeente van 24 september 2024 niet als een besluit kan worden aangemerkt, waardoor er geen beroep openstaat. Eiseres krijgt geen gelijk en haar beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank wijst ook op de mogelijkheid van hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.